De vaste lezer van mijn columns weet intussen wel hoe laat het is, ook al verkeert de day of reckoning vooralsnog in nevelen. Deze leek zich al aan te dienen na de val van Lehman in 2008 maar werd toen met een buitengewone krachtsinspanning afgewend waartoe werkelijk alle onoorbare middelen geheiligd bleken. Als antwoord op een definitieve koopkrachtomslag werd een Strategische Portefeuille meer dan opportuun.

Doordat de banken het krediet als vliegwiel van de economie om zeep hadden geholpen, probeerden de centrale banken dat euvel met geldverruiming en voortdurende marktmanipulaties – met name lage rentes en geminimaliseerde edelmetaalprijzen in het kader van valutastabiliteit – te compenseren en liet de Strategische Modelportefeuille vanaf 2009 (start QE) aanvankelijk een dalend patroon zien. Echter, bij een feitelijke omslag zou het beeld destijds evenwel precies omgekeerd zijn geweest.