In 2013 pleegden 21.175 Amerikanen zelfmoord met een wapen, terwijl 11.208 door anderen werden doodgeschoten. Gemiddeld sterven in de VS elke dag 88 mensen bij wapengeweld. Dat is vier maal meer dan in het VK en zes maal meer dan in Duitsland. Nergens ter wereld vinden meer schietpartijen plaats dan in de VS. Volgens de criminologen Jaclyn Schildkraut en Jaymi Elsass waren er tussen 2000 en 2014 niet minder dan 133 van die slachtpartijen (bendegeweld en terrorisme uitgezonderd). In Engeland vond in dezelfde tijdspanne exact één zo’n schietpartij plaats. Na iedere schietpartij gebeurt hetzelfde: de dreiging van gun control steekt even de kop op, waardoor nog meer mensen wapens gaan kopen en het lidmaatschap bij Amerika’s sterkste wapenlobby aanvragen: de National Rifle Association (NRA). De aandelen van wapenfabrikanten schieten de hoogte in. Tussen 1994 en 2007 steeg het aantal wapens in de VS van 194 miljoen naar 294 miljoen stuks. Geschat wordt dat in het land vandaag meer dan 300 miljoen wapens circuleren. Omdat het aantal gezinnen dat een wapen in huis heeft wel slinkt, is er een steeds grotere groep enkelingen die over meerdere wapens beschikt.  Amerikanen zien wapenbezit steeds vaker in het kader van zelfverdediging dan als een vorm van hobby. In 2014 zei 15,4% van de Amerikanen dat ze een wapen hadden voor de jacht. In 1977 was dat nog 32%. 63% vindt vandaag dat wapenbezit hem meer veiligheid geeft, dat is bijna dubbel zo veel als in 2000, toen 35% er zo over dacht.  Steeds meer vrouwen bezitten een handwapen, bij mannen gaat die trend in dalende lijn. Wapenbezit is sterk gelint aan etniciteit en politieke voorkeur. Arme mensen, stadsbewoners, zwarten en mensen van Hispaanse origine bezitten minder makkelijk een wapen dan de blanken die in de voorsteden of op het platteland wonen. Dubbel zo veel Republikeinse kiezers acht wapenbezit nodig voor de eigen veiligheid als Democratische kiezers. Wapenbezit staat in de Amerikaanse Grondwet ingeschreven als een onvervreemdbaar recht. Het Tweede Amendement luidt dan ook als volgt: ‘Aangezien een goed geregelde militie nodig is voor de veiligheid van een vrije staat, zal geen inbreuk worden gemaakt op het recht van het volk om wapens te bezitten en te dragen.“ Politici die voor gun control pleiten leggen hun hoofd op het politieke kapblok. Toen Bill Clinton in 1994 een verbod op een reeks semi-automatische wapens door het Congres kreeg, werden 19 van de 24 Congresleden die de wet hadden goedgekeurd niet herverkozen. Onder hen Tom Foley, toenmalig spreker van het Huis van Afgevaardigden en de eerste spreker die niet in die hoedanigheid werd herkozen sinds ... 1862.