De Verenigde Staten overwegen de sancties tegen het Russische staatsinvesteringsfonds RDIF op te heffen, als onderdeel van gesprekken over de oorlog in Oekraïne en herstel van de betrekkingen met Moskou. Kremlinadviseur Joeri Oesjakov bevestigde op 28 oktober dat hierover wordt gesproken, nadat The New York Times daarover had bericht. Volgens Oesjakov zet RDIF-topman Kirill Dmitriev zich actief in voor sanctieverlichting, maar is de uitkomst onzeker. De Amerikaanse sancties werden in 2022 ingesteld, kort na de grootschalige Russische invasie van Oekraïne. Een besluit om ze op te heffen wordt in de berichtgeving niet gemeld.

Het in 2011 opgerichte RDIF investeert gericht in Russische ondernemingen, onder meer in de bouw, telecom, financiële dienstverlening en gezondheidszorg. Daarmee verschilt het van fondsen die vooral olie-inkomsten opvangen en begrotingstekorten helpen financieren. Naar eigen zeggen heeft RDIF sinds zijn oprichting 2,3 biljoen roebel, omgerekend 29 miljard dollar, geïnvesteerd; ongeveer 80 procent daarvan kwam van partnerfondsen. Het Saoedische Public Investment Fund behoort tot de bekende partners. Iikka Korhonen, onderzoeksdirecteur bij het instituut voor opkomende economieën van de Finse centrale bank, noemt de omvang op macro-economische schaal echter gering. Ook zegt hij niet te weten hoeveel het fonds de laatste tijd daadwerkelijk heeft ondernomen.
Dmitriev heeft een centrale positie gekregen in de economische toenadering tussen Washington en Moskou. Na Trumps terugkeer in het Witte Huis in 2025 benoemde president Vladimir Poetin hem tot speciaal economisch gezant. Hij onderhoudt contacten met de Amerikaanse onderhandelaar Steve Witkoff en Trumps schoonzoon Jared Kushner. Zijn rol omvat zowel het herstellen van zakelijke betrekkingen met Amerikaanse bedrijven als gesprekken over beëindiging van de oorlog. Dmitriev heeft daarnaast persoonlijke verbindingen met Poetins omgeving: hij is bestuurslid van een innovatiefonds onder leiding van Poetins dochter Katerina Tichonova. RDIF reageerde niet direct op vragen van RFE/RL.
Tegenstanders vrezen dat sanctieverlichting economische voordelen voor Rusland oplevert zonder aantoonbare concessies over Oekraïne. Peter Harrell, voormalig functionaris van de Amerikaanse Nationale Veiligheidsraad, stelt dat RDIF investeringen leidt naar sectoren en bedrijven die voor Poetin strategisch belangrijk zijn. Volgens hem zou opheffing Amerikaanse investeringen in aan het Kremlin verbonden projecten voorrang geven boven steun aan Oekraïne. Korhonen bekritiseert eveneens verlichting zonder Russische tegenprestatie. Dit zijn beoordelingen van deskundigen; uit de berichtgeving blijkt niet welke voorwaarden Washington precies stelt of welke afspraken eventueel tegenover verlichting zouden staan.
Ook energiehandel speelt in de toenadering een rol. RDIF en Dmitriev waren volgens de berichtgeving betrokken bij een door de regering-Trump aangekondigde afspraak om Russische diesel in de Verenigde Staten toe te laten. Democratische en enkele Republikeinse parlementariërs stellen dat deze ingaat tegen de strekking van recent aangenomen sanctiewetgeving. Sommigen waarschuwen voor mogelijke strafrechtelijke aansprakelijkheid van importerende bedrijven. Dmitriev noemde die wet op 16 oktober onjuist en voorspelde meer zakelijke initiatieven. Of die tot stand komen, blijft onzeker: hij erkende zelf dat er brede weerstand bestaat.

