Al tijden horen we dat diverse grondstoffen binnenkort niet of nauwelijks meer fysiek te verkrijgen zullen zijn. Eric Sprott haalt dit regelmatig terecht aan in zijn commentaren op de goud- en zilvermarkt. Maar toch op de een of andere manier houdt de markt zichzelf staande. Hoe is dit nu mogelijk?

Hoe kun je nou tekorten verhullen in de grondstoffenmarkt? Dat was de vraag die ik me stelde, want soortgelijke commentaren als die van Eric Sprott zie je met de regelmaat van een klok op het internet verschijnen. En blijkbaar kom je er met onderzoek naar vraag en aanbod alleen niet uit, want als dat zo zou zijn, zou de markt al lang op vraag en aanbod onderuit gegaan moeten zijn. Het antwoord op dit probleem ligt in de stock-to-flow ratio en verder vond ik bij Adrian Douglas hiervoor een mooie analogie, die daar min of meer mee overeenkomt.

De conclusie hieruit is: het hoofdbestanddeel is de voorraadvorming of eigenlijk de stock-to-flow ratio.

Stel je eens voor dat het waterleidingbedrijf water levert aan het huis waar u woont. De hoeveelheid water die uit de leiding in uw huis komt moet in principe gelijk zijn aan de hoeveelheid water die bij het waterbedrijf de leiding ingaat om het geheel goed te laten functioneren op basis van het behoud van massa.

Laten we nu aannemen dat het waterbedrijf een maximumhoeveelheid van 5 liter per minuut kan leveren. En verder dat er een piekcapaciteit van 20 liter per minuut nodig is als iedereen in uw huishouden tegelijkertijd wil douchen voordat ze naar hun werk of school gaan. Hoe kan je dit probleem oplossen? Het antwoord daarop is opslagtanks.

Je kunt dan berekenen hoe groot die ene opslagtank voor dat specifieke doel moet zijn. Als ’s nachts de opslagtank zich vult dan kun je die piek hoeveelheid van 20 liter per minuut wel aan door vanuit de opslagtank 15 liter per minuut te tappen samen met de 5 liter per minuut van het waterbedrijf. En op het moment dat de piek voorbij is en iedereen vertrokken is, kan de opslagtank zich weer vullen.

Dit principe kunnen we toepassen op bijv. edelmetalen. De goud- resp. zilvermijn produceert erts, wat te vergelijken is met het waterbedrijf dat het water de leiding inperst. Maar het erts moet eerst nog bewerkt worden voordat het op de markt gebracht kan worden. Dus ontstaat er een voorraad in bewerking. Een 1e opslagfaciliteit dus, en zo ontstaan er meerdere opslagfaciliteiten naarmate je verder in het proces van producent naar consument komt. Uw huishouden die het water verbruikt is te vergelijken met de eindgebruikers van het edelmetaal. En dat is dan meteen de laatste opslagfaciliteit. Tussenopslag is dan de voorraad die bijv. aanwezig is bij de raffinaderijen, bullion banken en beurzen, maar ook grote marktpartijen en bij goud ook nog eens de Centrale Banken. En laten we eerlijk zijn, er is niemand ter wereld die exact op de hoogte is van de diverse voorraden die nog overal liggen of aangesproken kunnen worden.

Indien het edelmetaal niet zo snel verbruikt wordt als het gemijnd wordt, dan zullen de voorraden in de diverse opslagfaciliteiten toenemen. Als het edelmetaal echter sneller verbruikt wordt dan gemijnd, dan zullen de voorraden in die verschillende opslagfaciliteiten moeten afnemen. Het doel van die voorraadvorming is dus een buffervoorraad te hebben opdat aan een fluctuerende vraag tegemoet gekomen kan worden d.m.v. van een constante toevoer.

Een ander voorbeeld hiervan is aardgas. De constante toevoer van aardgas uit de bronnen wordt in de herfst en lente opgeslagen, wanneer de vraag naar elektriciteit relatief laag is, zodat het aan de pieken van zomer en winter in elektriciteit tegemoet kan komen.

Alleen is situatie bij zilver iets anders, want de laatste 10-15 jaar is de vraag naar zilver altijd hoger geweest dan de mijnproductie. En erger nog, de vraag naar zilver was stijgend, terwijl de productie afnam. Voor goud speelt een soortgelijke situatie.Onder dergelijke omstandigheden kan alleen maar aan de vraag voldaan worden door op continue basis de tussenvoorraden te laten afnemen. Aangezien we niet precies weten welke opslagfaciliteit nu over welke hoeveelheid beschikt, is het gehele proces nogal onoverzichtelijk. Je kunt makkelijk van de ene voorraad naar de andere voorraad overhevelen. Op die manier wordt er nooit een echt tekort geconstateerd, maar het is duidelijk dat die situatie onhoudbaar wordt op langere termijn. Eens raken de voorraadfaciliteiten uitgeput.

Waarom zijn de zilver verbruikers nu niet bezig hun eigen voorraden op te voeren, wetende dat zo’n tekort ooit aan de oppervlakte moet komen?

Als we dit bekijken vanuit het oogpunt van de analogie, dan is het antwoord duidelijk. De verbruikers kunnen niet putten uit de voorraden van de mijnen, want daar is al minder aanwezig dan de vraag is. Buitendien moet het nog verwerkt worden. De enige manier is het overhevelen van de voorraden bij de raffinaderijen, bullion banken en beurzen (en Centrale Banken bij goud) naar hun eigen voorraden. Dit blijft een zinloze exercitie als de mijnen op langere termijn niet voldoende kunnen produceren. Het enige wat er gebeurt is dat er tijd gewonnen wordt. Trouwens voorraadvorming legt werkkapitaal vast en de meeste bedrijven zijn hiervan niet gecharmeerd.

Als ik u zou vertellen dat er vanaf morgen geen benzine meer te koop zou zijn, zou het dan zin hebben de tank van je auto nu nog een keer vol te gooien?

Dus wat kan je redelijkerwijs verwachten van de zilver verbruikers? De slimmerikken onder hen zullen rechtstreeks naar de bron gaan, dus naar de mijnbouwbedrijven zelf en proberen daar deals te sluiten voor langlopende contracten. Dat betekent dus dat die bedrijven die het inzicht hadden, nog steeds over zilver kunnen beschikken op het moment dat de voorraden voor de overigen plotseling uitgeput zullen blijken te zijn. Dat acute tekort zal door hen die op de cashmarkten opereren gevoeld worden, want er is niets meer beschikbaar, tegen welke prijs dan ook.

En dit is een ontwikkeling waar ik nu al meermalen op gewezen heb. Ik ken de situatie niet voor zilver, maar bij goud is dit zeker al een paar jaar aan de gang. En als ik de situatie goed begrepen heb wordt het goud bij lange termijncontracten en grote hoeveelheden boven de spotprijs verkocht. De Chinezen maken al langere tijd speciale deals met o.a. het Midden-Oosten en landen in Afrika en Zuid-Amerika voor lange termijn contracten in diverse grondstoffen. Zoveel zelfs, dat hun enorme dollar reserves al wel eens besteed konden zijn voor de komende 20 jaar.

Zo lang de edelmetaal productie kleiner is dan de vraag, zal er nooit een tekort zichtbaar worden zo lang er nog voorraden zijn. Dit tekort zal zich alleen manifesteren, wanneer blijkt dat de voorraden er niet meer zijn. Op dat moment ligt het voor de hand dat de prijzen exponentieel zullen stijgen. Het zal onmogelijk worden voor de gemiddelde investeerder om nog in te stappen, omdat er geen of bijna geen edelmetaal meer verkrijgbaar zal zijn.

Als je de situatie op deze manier bekijkt dan zie je waarom Centrale Banken hun voorraden goud hebben laten afnemen door leningen, leases en swaps, maar nog steeds kunnen rapporteren alsof het fysiek in hun kluizen aanwezig is, vanwege het krakkemikkige boekhoudsysteem dat door hen gehanteerd wordt, waarbij papieren goud gelijk staat aan fysiek goud. Dit kun je uitleggen als een rookgordijn, waarbij de dag van de eindafrekening niet ver meer is, waarop er onvoldoende voorraden aanwezig zullen zijn om tegen welke prijs dan ook fysiek geleverd te krijgen. De vraag naar edelmetalen, wordt gedreven door de noodzaak om buiten de toevloed van papieren (fiat) valuta te blijven, die een bijna oneindig aanbod kennen, dit in tegenstelling tot het zeer beperkte aanbod van de ‘echte’ activa.

Het tekort aan edelmetalen zal waarschijnlijk komen zonder enige waarschuwing, op het moment dat de voorraden opgebruikt zijn. En we kunnen niet teruggrijpen op een voorbeeld uit de historie, om te zien wat daar dan de uitkomst van zal zijn.

Bronnen: Adrian Douglas, A.Fekete