Nederland staat vooral bekend om tulpen, kaas, klompen en windmolens. Maar als we terug gaan naar de allereerste bewoners waren dit geen boeren maar jagers en vissers. Ze jaagden onder andere op rendieren, olifanten en neushoorns. Nederland zat toendertijd een stukje hoger boven het zeeniveau en de temeraturen verschilde nogal met die van nu. Het gaat hier om zo’n 250 millennia geleden. In de loop der eeuwen zijn de temperaturen, het landschap en het zeeniveau flink veranderd. De flora en fauna werd uitgebreid en de Nederlanders begonnen langzaam hun cultuur te ontwikkelen. Onder andere hunnebedden, landbouw, visserijen en mijnbouw waren daar het gevolg van.
Rond 2000 v.Chr. vond de eerste ruilhandel plaats. Er zijn opgravingen gedaan die aanwijzen dat er bronsindustrieën waren gevestigd. Aangezien Nederland zelf geen bronswinning kent, is dit vanuit andere landen in Europa geïmporteerd. De rijke winning van voedsel door middel van landbouw, bosbouw en visserijen maakte Nederland al vroeg een gewild handelsgebied. Dit leidde al snel tot een grote bevolkingsdichtheid. Mensen waren gedwongen verder naar de kustgebieden uit te wijken. Bij het stijgen van het water trok men niet meer terug het land in, maar verhoogde men de woning met klei en mest. De eerste baggeraars zagen hier het daglicht. Deze terpen dateren van ongeveer 800 v.Chr. Hier bloeide mede door het vlakke land de veeteelt en de landbouw op. De bevolking nam meer en meer toe en zo deden ook de rijkdommen. De toentijdige bevolking, de Bataven kende hier waarschijnlijk, decennia v.Chr., al hun eerste muntslag. Eén daarvan was een klein muntje van zilver met een kleine hoeveelheid goud en koper. Of ze nu officieel gebruikt werden in het betalingsverkeer of niet, men noemde deze stater het Regenboogschoteltje. Het was geen platte munt, maar een soort van schoteltje met een diameter van 16-20 mm en een opdruk van een driebeen. Hij ontleent zijn naam aan het verhaatje dat deze munten gevonden werden daar waar de regenboog de grond raakt.
De Bataven
Rond 58 v.Chr. was het Julius Caesar die in opdracht van de senaat via Gallië richting Nederland trok. Vanuit het noordoosten waren het onder andere de Bataven die ook interesse hadden in het neerlands grondgebied. Dit leidde tot verschillende oorlogen met zware verliezen voor de Romeinen door hevig verzet van de ervaren Bataven. Caesar probeerde vredesverdagen af te spreken, maar daar zag men geen brood in. Als vergelding liet Caesar een groot deel van de bevolking uitroeien en nodigde de Germanen uit het land te herbevolken. Na de moord op Caesar 44 v.Chr. werd Nederland een tijdje aan hun lot overgelaten.In 17 n.Chr. werd Nederland ten zuiden van de Rijn samen met een deel van België en Duitsland officieel tot een Romeinse provincie gemaakt, Germania inferior. Niet veel later kwamen eerst de Frisii en later de Bataven in opstand. De opstand van de Frisii bracht de Romeinse veroveringstocht tot een halt. De Romeinen besloten niet verder te gaan dan de Rijn. Er zijn een tal van muntschatten gevonden in Nijmegen van mensen uit deze tijd die uit voorzorg hun fortuin bewaarden na aanleiding van deze opstand.
In 69 n.Chr. kwamen de Cananefaten, bewoners van het toenmalige Nederlandse kustgebied in opstand. Dit kwam echter als een verassing voor de Romeinen. Twee andere Nederlandse volken sloten zich aan bij de Cananefaten en versloegen de Romeinen in Leiden, Utrecht, Alphen aan de Rijn, Vechten en Valkenburg. De Romeinen zette echter een tegenaanval in, maar verloren die dankzij de te hulp schietende Bataven in de buurt van Driel. Daaropvolgend viel men onder andere Nijmegen binnen, toendertijd onder Romeins bestuur, en brandde de hele boel plat.
Als reactie op deze nederlaag lieten de Romeinen zich versterken door een grofweg 6500 soldaten, die de strijd moesten beslechten tegen de Bataven. Deze veldslag vond plaats op de Betuwe en de Romeinen werden verpletterend verslagen door de Bataven en wisten slechts ternauwernood weg te komen.
Een leuk weetje hier is dat een Romeins leider zwoor, uit repsect voor de vijand na deze nederlaag om naar Bataafs en Gallisch gebruik, zijn haar rood te verven. Dit gebruik werd meegenomen naar Rome en de rode verf werd daar een populair importproduct. De Batavan gingen verder met hun opstand en trokken verder richting Rome. Veel Romeinen zagen de bui al hangen en begonnen hun rijkdommen te verbergen. Zo zijn er naast Bataafse munten ook veel Romeinse munten gevonden ten zuiden van de Rijn.
De Bataven meldden aan Romeinse gezanten dat ze geen oorlog met Rome wilden, maar slechts hun vaderland terug wilden zien. Rome was het daar niet mee eens en liet meer versterkingen komen vanuit België. De Bataven waren sterk in de minderheid en in de buurt van Bonn (Duitsland) werden ze omsingeld door Romeinse troepen. De ervaren Bataven wisten echter dmw een wigformatie de omsingeling te doorbreken en de Romeinen sloegen weer op de vlucht. Verschillende Romeinse soldaten van hoge en lage rang liepen ondertussen over naar de opstandelingen. Ook werden er vele Romeinen gevangen genomen. Meer en meer legioenen werden naar de Bataven gestuurd totdat er in september 70 n.Chr. uiteindelijk 6 Legioenen tegelijkertijd nodig waren om de Bataafse opstand de kop in te drukken.
Na 200 jaar zonder oorlog begon het Romeinse Rijk te vervallen en waren het de Germanen die het Rijngebied begonnen te plunderen.
De Friezen hielden stand in het Nederlands grondgebied en gingen verder met het slaan van hun eigen valutas. Meer hierover in deel 2.
Einde deel 1
Bronnen:
landenweb.net
valutaplaza.nl
collectieutrecht.nl
wikipedia.org
ea
