Soms wordt wel eens het standpunt naar voren gebracht, zelfs door de voorstanders van goud, dat hoewel een gouden standaard een beter geldsysteem oplevert dan welk ander systeem dan ook, het verre van perfect is. Net zoals de vele andere dingen, die rondom goud verteld worden en waarvan iedereen aanneemt dat zij de ultieme waarheid zijn, is ook dit een grote misvatting. Al die onvolmaaktheden rond een gouden standaard hebben namelijk niets te maken met het goud zelf, maar alles met de perceptie die de mensen hebben voor wat een monetair systeem zou moeten zijn en waartoe het dient.
Goud is het enige echte geld dat bestaat – hoe kan het dan toch zijn dat het geacht wordt onvolmaakt te zijn? Als men beweert dat goud niet het perfecte geld is, staat dat gelijk met te zeggen dat water niet de perfecte regenval is. Men kan een emmer hebben met een gat erin, of een waterbron hebben die droog staat, maar dat heeft in feite niets te maken met het water zelf.
Doet men op een eerlijke manier zaken, dan is goud inderdaad te bestempelen als inflexibel, maar als het aankomt op monetaire liquiditeit en mobiliteit dan is het volmaakt flexibel. In beide functies voldoet goud aan alle eisen en is zonder zijns gelijke. Het geeft niet alleen de perfecte (en enige) waardeopslag over langere tijdsperioden; het doet het ook nog eens op de manier dat het alleen de beloning is voor de nijvere productie van benodigde en gewilde goederen en diensten. Eerlijkheid en verdienstelijk werk worden beloond; domme speculatie en frauduleuze handelingen worden gestraft.
Zij, die dat soort gebreken bij het goud zien, kijken in de spiegel van goud’s luister en verwarren dat met de interpretatie vanuit hun eigen zwakheden. Goud verleent zijn gunsten aan niemand, behalve aan de eerlijke producent. De best beloonden onder een gouden standaard zijn dan die mensen, die de maatschappij het beste bedienen met producten en/of diensten. Er kan geen elite bestaan onder een gouden standaard regime; en dat is nu precies waarom de huidige generatie van wereld ‘leiders’ niet allen goud verfoeien, maar het zelfs vrezen. Vanuit hun standpunt gezien is die vrees volkomen terecht. Een terugkeer naar goud zal de meesten van hen weer degraderen tot de onbelangrijke plaatsen die zij werkelijk verdienen.
Goud kent geen genade voor manipulatoren of fraudeurs. De ‘standaard’ van de gouden standaard refereert dan ook aan de mate van het goed gedrag, dat het oplegt, net zo als aan het feit dat goud in werkelijkheid de enige maatstaf voor het meten van waarde is. Het is het goud, en goud alleen, dat weer een waarachtige standaard kan opleggen aan alle markt deelnemers.
Voor degenen, die al vaker stukjes van mij gelezen hebben, dit komt van dezelfde schrijver, die ik al eens eerder aanhaalde in een ander erg goed stuk van hem: Goud als enige is geld; de Stock-to-Flow ratio. Zie hier de link: http://goudportal.nl/?itemstr=goud-als-enige-is-geld:-de-stock-to-flow-ratio
