De overheid in IJsland bestudeert een revolutionair voorstel, een idee dat in de meeste westerse landen onmogelijk wordt geacht. Het wil namelijk de macht om geld te creëren afnemen van de banken en het overdragen aan de centrale bank.
IJsland was het enige westerse land dat tijdens de financiële crisis de middenvinger durfde op te steken naar de banken. Het vervolgde zelfs de bankiers die verantwoordelijk waren voor de diepe crisis van het land. IJsland geraakte in een diepe recessie, maar kwam er sterker terug uit omdat het rationeel juiste beslissingen durfde te nemen.

