De financiële crisis heeft bij velen een gevoel van oneerlijkheid achtergelaten. Des te meer aangezien banken, door velen gezien als corrupte instellingen, werden gered met geld van de belastingbetaler die hierin geen zeggenschap had. Om dit in de toekomst te vermijden werden allerlei maatregelen genomen op Europees niveau met de banken-unie als kers op de taart. Het concept van de zogenaamde “bail-in” stond hierbij centraal.

Het principe is simpel. In geval van problemen zal een bank, die zijn kapitaalpositie ziet afbrokkelen, eerst beroep doen op (m.a.w. omvormen tot nieuw kapitaal) het kapitaal van de aandeelhouders. Voldoet dit niet dan volgen de achtergestelde schuldeisers (achtergestelde obligaties), de gewone schuldeisers en in extreme gevallen (casus Cyprus) de spaarders met meer dan 100 000 euro op hun rekening. Dit leek een eerlijke en solide regeling die in de toekomst de belastingbetaler buiten schot zou moeten laten.