Zo’n twee jaar geleden sloeg de toen net herbenoemde premier Abe een radicaal andere economische koers in, onder de egocentrische en zelfs maniakale titel van Abenomics. Hij schoot drie pijlen af om de economie van Japan nieuw leven in te blazen. Ten eerste het verder verhogen van de overheidsuitgaven. Premier Abe had lak aan de staatsschuld. Ten tweede het rondpompen van geld tussen overheid, banken en pensioenfondsen om zodoende de schone schijn op te kunnen houden dat het land nog leencapaciteit had. Ten derde het inmiddels overal beruchte beleid van kwantitatieve geldverruiming Via ‘inflation targeting’ moest voorkomen worden dat Japan in deflatie bleef verkeren. Tussen neus en lippen door beloofde Abe ook nog eens 600.000 banen te zullen creëren. Wat een puinhoop.