Twee weken voor de verijdelde coup had Erdogan al aangestuurd op een toenadering, door excuses aan te bieden voor het neerhalen van de straaljager. Rusland hief daarop het verbod op chartervluchten naar Turkije op en nodigde Erdogan uit voor de top.
De twee presidenten hebben veel gemeen. Ze hanteren beiden een soort populistisch autoritarisme en koesteren allebei een diep wantrouwen tegen de Verenigde Staten. Erdogan kijkt verwijtend naar de VS omdat die onderdak bieden aan zijn tegenstrever Fethullah Gülen, die volgens Ankara achter de couppoging zat. Moskou vindt dat Washington een te grote rol op het wereldtoneel opeist.

