De oliesector, het kroonjuweel van de Venezolaanse economie, staat aan de rand van de afgrond. De situatie is dermate geëscaleerd dat het nu olie moet invoeren vanuit de Verenigde Staten, een land dat door de socialistische regering Maduro doorgaans ‘de aartsvijand’ wordt genoemd. Olie genereert de helft van de Venezolaanse staatsinkomsten. Tussen 2001 en 2015 strooiden de Venezolaanse leiders gretig met geld: 250 miljard dollar gingen naar sociale programma’s, waaronder de invoer van voedsel.
