Zoals ik al eens eerder vertelde, is het best wel eens interessant naar meningen uit de branche zelf te luisteren en daarbij stuitte ik op het volgende verhaal. Een verhaal trouwens dat mij in mijn mening sterkt over de goudindustrie in het algemeen.
We staan aan de vooravond van een globale financiële meltdown – tenminste volgens populaire internetberichten – maar toch wil de goudprijs niet echt van zijn plaats komen. En dit gebrek aan actie op de goudmarkt gezien in dit licht van een boven ons hangende ramp, geeft sommige mensen te denken. Zij zijn bang dat goud niet langer de ultieme veilige haven zal blijken te zijn. Zo’n slordige US$ 9 triljoen (Europees biljoen) aan goudwaarde ligt er opgeslagen bij de consumenten, investeerders en regeringen. Klaar om gebruikt te worden op enig moment in de toekomst. En slechts een klein gedeelte van al dat opgeslagen goud wordt dagelijks verhandeld. De rest rust in vaste handen voor de lange termijn.
De prijs van het goud, net zoals die van andere grondstoffen, wordt bepaald door die dagelijkse handelsactiviteiten, die dus een klein gedeelte van alle beschikbare goud uitmaken. De prijs wordt bepaald door de partijen die in en uit de markt stappen. De meerderheid van goudbezitters, die hun goud vasthouden, nemen dus geen deel aan dit proces van prijsvaststelling. Op elke willekeurige dag wordt door deze kleine groep van kopers en verkopers, die op het dagelijkse nieuws reageren, de korte termijn spotprijs vastgesteld.
Het is dan ook veel beter om naar de langere termijn trend te kijken. Momenteel zit goud in een dip, maar in de afgelopen 10 jaar is goud gemiddeld 19% per jaar gestegen. Er zaten best wel wat heftige fluctuaties in die periode, maar dat doet nog steeds niets af aan de lange termijn trend.
De misschien wel belangrijkste factor op de goud spotprijs is dat de verwachtingen voor de goudprijs van de investeerders ver voorbij reële niveau’s zijn komen te liggen. De mensen wordt verteld vooral goud te kopen omdat de prijs volgende week of zo zal gaan exploderen. Met als resultaat, dat als de prijs inderdaad omhoog gaat, de vraag gaat toenemen, dit in tegenstelling tot een rationele benadering. De mensen kopen het goud als de prijs stijgt, in de hoop dat nu het moment van een grotere stijging aangebroken zal zijn. De vraag naar goud en de media attentie is altijd het grootst op dit soort momenten van korte termijn piekprijzen. En als eenmaal blijkt dat de goudprijs niet verder stijgt, nemen de gedesillusioneerde investeerders weer afscheid. Deze cycli zijn steeds intensiever geworden omdat speculanten inmiddels hebben begrepen hoe dit werkt. Zij stappen in de markt op het moment dat deze begint te stijgen en hopen er weer uit te kunnen stappen voordat de markt gaat dalen.
Voor vele mensen is dat de enige reden om goud te bezitten, om te kunnen profiteren wanneer de prijs echt doorzet met een stijging. Na een 10-tal jaren van projecties die buiten elke realiteit liggen, is er een zekere mate van wantrouwen ontstaan in de goudmarkt. En vele investeerders houden het goud alleen maar aan vanwege de hoge prijsdoelen die door de goldbug commentatoren gezet zijn.
Maar er is nog steeds niets gebeurd dat de lange termijn trend kan onderbreken. Goud blijft maar stijgen en dalen en toch kruipt het stilaan steeds verder omhoog. Voor hen die kopen tijdens dips en weer verkopen bij de tijdelijke toppen (contrarians) belooft goud echt een lange termijn koopkracht opslag en tevens het potentieel op tussentijdse verkoopwinsten, weliswaar in fiatgeld.
Op dit moment prefereren de investeerders zelfs een zekere mate van negatieve inkomsten op US schatpapier of Duitse staatsobligaties boven de onzekerheid goud en vele andere activa. Die situatie
kan zich snel wijzigen. En vanuit dit standpunt gezien is er aanzienlijk meer stijgings-potentieel aanwezig dan dalings-potentieel.
Goudaandelen – Houdt de daling dan nooit op?
Onderwijl dat de goudprijs zich met zo’n 8% over de afgelopen periode van zijn laagste koers heeft weten te herstellen, hebben een aantal goudaandelen enorme verliezen opgelopen, tot wel zo’n 80%.Het ineenstorten in waarderingswaarde van de goudmijnen, tenminste voor een deel, is te wijten aan de groeiende scepsis met betrekking tot goud. Vele mensen hebben goudmijnenaandelen aangeschaft in de verwachting dat er grote beweging in de goudprijs aan zat te komen. Omdat deze er echter niet kwam, kwamen ze tot de conclusie dat er geen reden meer was om de goudmijnaandelen aan te houden.
Ook de slechte resultaten van de goudmijnen waren een mede oorzaak. Van 2006 tot 2011 nam de goudprijs toe met zo’n $ 1.000, maar gemiddeld genomen door de goudindustrie heen nam de winst slechts toe met $ 100. En veel van die winst werd ook nog eens ingeleverd in het 1e kwartaal van dit jaar.
De kosten en marges, zoals die staan in de financiële rapporten van de goudindustrie zijn vaak gebaseerd op alleen de operationele kosten van het laatste kwartaal. Die getallen zijn exclusief de verdere kosten die de mijnen hebben om hun bedrijf in stand te houden.
De totale kosten van de mijnen liggen niet eens zoveel lager dan de huidige spotprijs voor goud. En op zo’n moment moet men zich dan ook afvragen of het wel verstandig is mijnbouwaandelen te bezitten. En dat hebben de investeerders dan ook laten zien, getuige de dalende aandelenprijzen over de afgelopen tijd. En op dit moment liggen de aandelen prijzen dan ook zo’n 20% lager dan de netto waarde van die bedrijven. Zoals altijd hebben de markten ook hier overdreven en de prijzen naar irreële niveau’s gebracht. Goudmijnen maken nog steeds winst, maar aanzienlijk minder dan de investeerders dachten.
Na jaren van teleurstellingen zoeken de investeerders dan ook naar in hun ogen, veiliger beleggingen, zoals bijv. Facebook. Maar het meeste geld gaat naar het gegarandeerd negatief resultaat opleverende US schatpapier. De geboden rente is nu zelfs lager dan de inflatie. In feite betalen de mensen dus voor het feit dat de staat op hun geld past.
Een andere belangrijke implicatie van de lage winstgevendheid van de goudmijn industrie is dat het een steun biedt aan de goudprijs. U dient te onthouden dat goud niet is als andere grondstoffen. Bij zilver is het productie niveau een belangrijk gegeven bij het vaststellen van de prijs. Maar het meeste goud dat ooit geproduceerd is, is beschikbaar om weer op de markt te komen. De jaarlijkse goudproductie ligt op ca. 2% van het totaal bovengronds aanwezige goud.
Het is ook belangrijk om te kijken naar de redenen voor de lage winstgevendheid onder de belangrijke goudmijn bedrijven. Het is duidelijk dat de stijgende operationele kosten een belangrijke factor zijn. Energie vertegenwoordigt ca. 40% van de operationele kosten van de doorsnee mijn. Energiekosten zijn gelijkopgaand met de goudprijs gestegen. Verder hebben we nog de stijgende arbeidskosten op alle niveau’s. Steeds verdergaande overheidsbemoeienis heeft geresulteerd in hogere belastingen en royalties wereldwijd.
Maar een van belangrijkste en minst goed begrepen aspecten is de grade van de erts. Een 10-tal jaren geleden lag dat nog gemiddeld op 2,5 gram per ton, maar heden ten dage ligt dat nog maar op 1,3 gram per ton. Dat betekent dus dat er 2x zoveel gedolven moet worden om dezelfde hoeveelheid goud te kunnen produceren en dat bij steeds stijgende kosten.
Sommige analisten wijten de afnemende grade aan de uitbreiding van de goudmijn industrie als antwoord op de stijgende goudprijs. Dat is maar ten dele juist. Gedurende de periode dat de goudprijs verzesvoudigde, is de goudproductie slechts met 8,9% per jaar toegenomen. De industrie moest enorme bedragen spenderen om nieuwe mijnen on-line te brengen, maar deze nieuwe mijnen hebben nauwelijks het verlies in goudproductie van de oudere mijnen goed kunnen maken. En voor zover ik kan beoordelen aan de hand van beschikbare gegevens over exploratie en exploitatie is er geen verbetering in de grade te verwachten.
Investeerders en analisten lopen achter met hun verwachtingen van de erts grade voor goud. Men gaat nog steeds uit van de oude situatie, maar helaas is die niet meer relevant. Hetzelfde geldt overigens voor de meeste andere metalen.
Bron: resourceopportunities
Overigens raad ik een ieder aan het hele verhaal op bovengenoemde link nog eens na te lezen.
