Boven de Straat van Hormuz hangt volgens Iraanse berichten de rook van getroffen tankers, maar op de edelmetalenmarkt wil zelfs de gebruikelijke vluchthaven niet oplichten. Volgens het donderdagochtendrapport van Kitco stonden goud en zilver in de vroege Amerikaanse handel scherp lager, terwijl nieuwe aanvallen op commerciële scheepvaart de olieprijzen opdreven. Bij de laatst gemelde ochtendmeting noteerde goud circa 4.086,90 dollar per troy ounce, een verlies van 53,40 dollar of 1,29%. Zilver zakte met 2,070 dollar naar 55,790 dollar, een daling van 3,57%. De angst voor hardnekkige inflatie en verdere Amerikaanse renteverhogingen woog zwaarder dan de behoefte aan beschutting.

Bekijk de cijfers
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Goud — waargenomen daling | 1,29 % |
| Zilver — waargenomen daling | 3,57 % |
Ook de dalende Amerikaanse obligatierentes boden geen droog onderkomen. Het rendement op tienjarige staatsleningen daalde richting 5,0%, doordat beleggers bij zwakke technologieaandelen en oplopende spanningen staatsobligaties opzochten. Goud bleef niettemin in de regen staan, met een relatief stevige dollar als extra ballast. Volgens Kitco rekenden handelaren op een rentepauze tijdens de Fed-vergadering van 27 en 28 oktober, maar schatten zij de kans op een verhoging met 25 basispunten in december nog altijd op ongeveer 86%. Dat is een marktverwachting, geen vaststaand besluit, maar voor edelmetalen hing die verwachting als een natte winterjas om de schouders.
De Amerikaanse arbeidsmarkt leverde ondertussen het soort veerkracht dat op de goudmarkt met een bittere zucht wordt ontvangen. Het aantal nieuwe uitkeringsaanvragen daalde in de week tot en met 17 oktober met 6.000 naar een seizoengecorrigeerde 194.000, tegenover ongeveer 200.000 verwacht. Ontslagen bleven daarmee beperkt, ondanks hoge financieringskosten en een verzwakkende woningmarkt. Onder die stevige bovenlaag zat wel een somberder spoor: het aantal doorlopende aanvragen steeg in de week tot en met 10 oktober met 25.000 naar 1,728 miljoen. Dat kan erop wijzen dat werklozen langer naar een baan zoeken. Voor een snelle beleidsomslag bood dit gemengde beeld volgens het rapport onvoldoende aanleiding.
De donkerste wolk kwam uit het Midden-Oosten. Iran stelde dat zeven olietankers gedurende de nacht beschadigd raakten of in brand vlogen na aanvallen of contact met zeemijnen; de volledige omvang was niet onafhankelijk bevestigd. De Revolutionaire Garde herhaalde dreigementen tegen Amerikaanse bases, terwijl Washington zijn militaire aanwezigheid had uitgebreid en diplomatieke toenadering vastliep. Ook nieuwe Houthi-aanvallen op Saudische infrastructuur voedden de onrust. Brent steeg boven 112 dollar per vat, het hoogste niveau sinds mei; de laatst genoemde prijs was 112,41 dollar. WTI stond rond 99,95 dollar. Zo kreeg goud een wrange rekening gepresenteerd: geopolitieke angst kan veiligehavenvraag aanjagen, maar duurdere olie versterkt tegelijk de vrees voor restrictief rentebeleid.
Voor zilver drukten daar ook zorgen over industriële activiteit en hoge leenkosten bovenop, terwijl aandelenmarkten in Europa en Azië eveneens wegzakten en Amerikaanse futures een zwakkere opening aangaven. Een ontsnapping uit dit grauwe decor bleef voorwaardelijk. De aangekondigde inkoopmanagersindices, het consumentenvertrouwen, de Fed-vergadering en het PCE-inflatierapport van 29 oktober moesten meer richting geven. Zwakkere activiteit en afnemende inflatieverwachtingen zouden goud kunnen ondersteunen; aanhoudende arbeidsmarktkracht en kostenstijgingen zouden juist de verwachting van verdere verkrapping voeden. Voorlopig bood de markt vooral het troosteloze schouwspel van dalende obligatierentes zonder herstel voor edelmetalen.
