Goud staat onder druk, maar rond $4.000 kan de strijd tussen afwachtende kopers en aanhoudende verkoopdruk kantelen. Dat is de inzet van een presentatie van Jeffrey Christian van CPM Group: goud en zilver naderen mogelijk een marktbodem, zonder dat verdere koersdalingen van tafel zijn. Bij een goudprijs van ongeveer $4.036 is CPM er niet van overtuigd dat de prijs nog naar $3.800 zal zakken. Dat is nadrukkelijk geen bodemgarantie. De spanning zit bij beleggers die op lagere prijzen wachten: als goud rond $4.000 blijft liggen, kunnen sommigen alsnog besluiten in te stappen. Daarmee wordt juist het uitblijven van een nieuwe daling mogelijk een aanleiding voor hernieuwde vraag.

Voor zilver ziet CPM $50 als een relatief stevige potentiële basis. Dat klinkt als houvast, maar het is geen betonnen vloer onder de markt. Of beleggers weer gaan kopen, hangt volgens Christian af van de politieke en economische omstandigheden. Daar zit de kwetsbaarheid van het bodemverhaal: een prijsniveau alleen trekt de markt niet vanzelf omhoog. De bereidheid om opnieuw geld in edelmetalen te steken, blijft doorslaggevend. De presentatie schetst daarmee geen zekere opmars, maar een markt waarin de verkoopdruk mogelijk dicht bij haar eindpunt komt, terwijl nieuwe tegenvallers nog steeds ruimte voor koersverlies laten.
Ook bij de andere edelmetalen knarst het. Platina is onder $1.500 gezakt en palladium is volgens CPM te ver verkocht. Toch blijkt steun vanuit het aanbod momenteel onvoldoende om het sombere marktklimaat te doorbreken. Bij de platinagroepmetalen wegen de bredere negatieve stemming en oplopende rente zwaarder. Voor beleggers is dat een scherp contrast: omstandigheden aan de aanbodkant kunnen steun bieden, terwijl de koers ondertussen verder onder druk staat. CPM’s oordeel over palladium is bovendien een waardering van de marktsituatie, geen bewijs dat een herstel onmiddellijk volgt.
Politiek kan de vraag naar goud en zilver ondertussen blijven voeden. Christian verwacht dat de onzekerheid rond de Amerikaanse Congresverkiezingen niet op de verkiezingsdag verdwijnt. Die kan voortduren tot de installatie van het nieuwe Congres in januari, en mogelijk nog langer. Samen met internationale conflicten en economische zorgen kan dat beleggers ertoe bewegen meer goud en zilver aan te houden. Ook de rente vraagt volgens hem om nuance: hogere rente betekent niet automatisch lagere goudprijzen. Het onderscheid tussen nominale rente, reële rente en inflatie doet ertoe, evenals de krachten die de rente opdrijven. Precies daar ligt de spanning: dezelfde markt die edelmetalen nu onder druk zet, bevat ook factoren die de vraag kunnen ondersteunen.

